Hoe kon Bonhoeffer in oorlogstijd door Europa reizen?
Bonhoeffers leven is getekend door zijn verzet tegen het nazisme. Dit aspect kent echter een scherp randje. Hoe kon Bonhoeffer dienst nemen bij de Abwehr, de inlichtingendienst van het Duitse leger?

Het leven van Dietrich Bonhoeffer kende veel facetten. Hij was de jonge en veelbelovende geleerde die op 21-jarige leeftijd al doctor in de theologie was. Enkele jaren daarna schreef hij een tweede proefschrift, de zogenaamde ”Habilitation”, waarmee hij het recht verwierf om aan een universiteit te doceren. Een ander facet van zijn leven was dat hij veel internationale contacten legde. Zijn predikantschap in Barcelona en Londen, zijn werk voor de oecumene en zijn twee Amerikareizen gaven hem allerlei mogelijkheden om te peilen wat elders in de kerk leefde. Tijdens de oorlog zou hij, in een periode dat niemand kon reizen, zijn contacten uitbreiden naar Zwitserland, Rome, Noorwegen en Zweden.
Meer dan iets anders heeft zijn verzet tegen het nazisme Bonhoeffer gevormd en tot een diepzinnig theoloog gemaakt
Toch dankt Dietrich Bonhoeffer zijn bekendheid aan een derde facet van zijn leven, namelijk aan zijn verzet tegen het nazisme. Meer dan iets anders heeft dit hem gevormd en tot een diepzinnig theoloog gemaakt. Meteen na het aantreden van Hitler wist Bonhoeffer wat hem te doen stond. Hij zocht niet de luwte op, om bijvoorbeeld aan zijn wetenschappelijke carrière te werken, maar koos ervoor om te strijden. En aan tegenstanders was geen gebrek. Ook de kerk was in de ban van Hitler. De kerk dankte God voor het feit „zur rechten Stunde den Führer geschenkt zu haben” (op het juiste moment de leider te hebben gegeven).
Juist predikanten moesten hun nationale plicht doen ten opzichte van het Duitse vaderland
Bonhoeffer behoorde tot de mensen die leidinggaven aan de oppositie binnen de Deutsche Evangelische Kirche (DEK), een oppositie die bekend werd onder de naam Bekennende Kirche. Deze strijd zou hij met de dood moeten bekopen. In de vroege morgen van 9 april 1945 –nu bijna tachtig jaar geleden– werd hij samen met zes anderen naakt opgehangen in het concentratiekamp Flossenbürg. Hij was 39 jaar.
Gerehabiliteerd
Je zou verwachten dat er na de oorlog aandacht en waardering voor hem zou zijn. In werkelijkheid eerde men hem niet maar genéérde men zich voor hem, want juist predikanten moesten gehoorzaam zijn en hun nationale plicht doen ten opzichte van het vaderland. Zelfs is het zo dat nog in 1955 de Duitse justitie de rechtmatigheid van het proces tegen Bonhoeffer bekrachtigde. De reden: Bonhoeffer was betrokken geweest, al was het op de achtergrond, bij het beramen van een moordaanslag op de leider van het land (Hitler). Daarom was zijn vonnis juist geweest. Pas op 1 augustus 1996 werd Bonhoeffer door het Landgericht Berlin gerehabiliteerd.
Bonhoeffer viel als elke andere Duitser onder de militaire dienstplicht maar kwam hierdoor in een gewetensconflict
Het is dus niet vanzelfsprekend dat Bonhoeffer bekendheid heeft gekregen. Waarschijnlijk zou hij vergeten zijn als hij in Eberhard Bethge geen trouwe vriend had gehad. Deze schreef een omvangrijke en goed gedocumenteerde biografie over hem (1966).
Militaire dienstplicht
Het leven van Bonhoeffer is getekend door het verzet tegen het nazisme. Dit aspect kent echter een scherp randje. Zijn werk in dienst van de Abwehr, de inlichtingendienst van de Wehrmacht (landmacht), is nauwelijks bekend. Hoe kon Bonhoeffer, die zich juist tegen het regime keerde, in dienst van de Abwehr treden? Hoe is deze stap te verklaren? Het antwoord is dat dit alles, ondanks de schijn van het tegendeel, te maken had met zijn verzet tegen het naziregime. Bonhoeffer viel als elke andere Duitser onder de militaire dienstplicht. Zelfs degenen die een geestelijk ambt bekleedden, kwamen daar niet onderuit. Bonhoeffer kwam hierdoor in een gewetensconflict. Hoe kon hij als overtuigd tegenstander van het naziregime zijn dienstplicht vervullen en het naziregime met wapens verdedigen?

In de tijd dat hij leidinggaf aan het predikantenseminarie moesten de aankomende predikanten in dienst en dat betekende meestal: naar het front. Honderden theologiestudenten en predikanten sneuvelden. Bonhoeffer zag voor zichzelf als enige uitweg dienstdoen als legerpredikant of als ziekenverpleger (Sanitätsdienst). Dat aanbod werd niet geaccepteerd. Iemand kon alleen legerpredikant worden als hij eerst aan het front gediend had. Ook dienstweigering was geen optie. Wie weigerde kwam voor het vuurpeloton te staan. Er moest een andere weg gezocht worden.
Zwervend bestaan
Bonhoeffers zwager Hans von Dohnanyi was als jurist werkzaam bij de Abwehr. Gesprekken met hem leidden ertoe dat Bonhoeffer in dienst trad van de Abwehr in de functie van V-Mann (verbindingsman). Wie bij de Abwehr werkte, dus bij defensie, kreeg een onmisbaarheidsverklaring. In de jaren dat Bonhoeffer in dienst van de Abwehr was, deed hij pastoraal werk in gemeenten waarvan de eigen predikant in het leger diende. Hij had daartoe een bijzondere opdracht van de Bekennende Kirche gekregen.
In die tijd leidde Bonhoeffer een zwervend bestaan: hij verbleef nu en dan in het huis van zijn ouders in Berlijn maar vaker in het benedictijnenklooster Ettal nabij München en ook op het landgoed Klein-Krössin in Pommeren, waar zijn verloofde vandaan kwam. In een tijd dat veel collega’s aan het front stonden, waren er perioden dat Bonhoeffer ongestoord aan zijn boek over ethiek kon werken.
Het is duidelijk dat dit bij velen vragen opriep. Hij leidde in de ogen van buitenstaanders een raadselachtig leven. In de contacten met buitenlandse collega’s kon hij niet uitleggen hoe hij, als vooraanstaande figuur van de verboden Bekennende Kirche, naar het buitenland kon reizen. Zijn dubbelleven zorgde voor kortsluiting in de contacten: wie was de echte Bonhoeffer? Een tegenstander van het regime of toch een meeloper? Het is een tekortkoming in de literatuur over Bonhoeffer dat dit aspect nauwelijks aandacht krijgt. Toch kan er, hoe ingewikkeld zijn situatie ook was, wel iets verduidelijkt worden.
Samenzweerders
In de eerste plaats is het belangrijk om te weten dat de Abwehr niet onder het gezag viel van de Reichssicherheitshauptamt (daarvan was de SS’er Himmler het hoofd), maar van de Wehrmacht. De nazi’s probeerden gedurende de hele oorlog steeds meer politieke invloed te krijgen in de Wehrmacht. Aan het hoofd van de Abwehr stond admiraal Canaris. Deze wist van de activiteiten van overste Hans Oster –later generaal-majoor; deze predikantszoon was de spil in het verzet binnen de Abwehr– en anderen en steunde die. Dat schiep een redelijk veilige situatie voor de samenzweerders, die onder leiding van kolonel Graf von Stauffenberg een aanslag op Hitler voorbereidden.
Hans Oster gaf majoor Sas de datum van de aanval op Nederland door, maar Nederland deed er niets mee
De Abwehr was een enorme organisatie die in totaal ongeveer 13.000 mensen omvatte (onder andere het Brandenburger korps, een speciale eenheid). Binnen deze organisatie was dus een kleine groep mensen werkzaam die in het geheim een cel vormde die inlichtingen verzamelde met de bedoeling om die door te geven aan de geallieerden. Een voorbeeld: Hans Oster gaf de Nederlandse majoor Sas de datum van de aanval op Nederland door: 10 mei 1940. Nederland deed er niets mee. Omdat Hitler de datum steeds weer veranderde, dacht men in Den Haag dat het ook deze keer loos alarm zou zijn.
Wantrouwen
In de tweede plaats functioneerde de Abwehr zelfstandig en zonder pottenkijkers. De Gestapo (geheime politie) had er geen toegang. Bonhoeffers buitenlandse reizen werden met Oster en Dohnanyi besproken en vastgesteld en zij zorgden voor de vereiste reisdocumenten.
Maar hier zat voor de mensen van de kerk ook het probleem: hoe kun je iemand vertrouwen die met documenten van de vijand door Europa reist? Het enige antwoord is dat de meeste mensen hem al kenden van de vooroorlogse jaren. Al voor de oorlog had hij blijk gegeven van zijn opvattingen over vrede en geweldloosheid. Bonhoeffer had plannen gehad om naar Gandhi te gaan. Deze had hem een persoonlijke uitnodiging gestuurd. Ook was men bekend met zijn activiteiten binnen de Bekennende Kirche.
Het was Bonhoeffer er vooral om te doen de contacten met de buitenlandse kerken te onderhouden en hen op de hoogte te stellen van het verzet tegen Hitler in Duitsland.
Zijn goede reputatie woog meestal op tegen het wantrouwen, maar niet altijd. Karl Barth, die in Zwitserland woonde en hem nog van voor de oorlog kende, was eerst wantrouwend, hoewel dit later veranderde. Desondanks bleven er mensen die geen ontmoeting met Bonhoeffer wilden hebben.
Tweerijkenleer
In de derde plaats koos Bonhoeffer niet alleen voor het werk als agent van de Abwehr vanwege zijn problemen met de dienstplicht. Het was hem er vooral om te doen de contacten met de buitenlandse kerken te onderhouden en hen op de hoogte te stellen van het verzet tegen Hitler in Duitsland. Dat was belangrijk met het oog op de vredesonderhandelingen na de oorlog. Het doel was dat invloedrijke verzetsmensen gesprekspartners van de geallieerden zouden worden. Via de anglicaanse bisschop Bell werden de namen van eventuele onderhandelaars over vrede doorgegeven aan de Britse regering.
De Lutherse Kerk was erg terughoudend met het leveren van kritiek op de naziregering
Een ander doel van het verzet was om Duitsland voor te bereiden op de tijd na de oorlog. Bonhoeffer wilde bouwen aan de toekomst. Hem stond een christelijk Duitsland voor ogen, maar anders dan in het verleden. De kerk moest afstand nemen van de oude lutherse tweerijkenleer. In de tweerijkenleer staan staat en kerk naast elkaar; elk heeft zijn eigen domein. De een bemoeit zich niet met de ander. De Lutherse Kerk was dus erg terughoudend met het leveren van kritiek op de naziregering. Dat gaf de staat de vrije hand om zijn vernietigingsplannen uit te voeren zonder echt door de kerk gehinderd te worden. Zelfs in de Bekennende Kirche waren er weinigen die de nood van gehandicapten (het euthanasieprogramma!) en de Joden onder ogen wilden zien.
Zware tol
In de vierde plaats moet gezegd worden dat Bonhoeffer een bescheiden rol speelde in het verzetswerk. Zijn zwager Dohnanyi en Hans Oster liepen een groter gevaar. Zij legden een uitgebreid dossier aan over de misdaden van de nazi’s, om hen op grond daarvan na de oorlog te kunnen berechten. Toen dit dossier ontdekt werd, in een bunker nabij Berlijn, stond hun doodstraf vast. Men speurde ook de gangen van Bonhoeffer na. Vooral zijn ontduiking van de dienstplicht was verdacht. Er dreigde een serieus gevaar dat de geheime cel van verzet binnen de muren van de Abwehr opgerold zou worden.
Op 5 april 1943 werden Canaris, Oster, Bonhoeffer, Dohnanyi en anderen gearresteerd. Zij kwamen niet meer vrij. Ruim twee jaar later werden de eerste drie opgehangen (9 april 1945) en in diezelfde maand werd Dohnanyi door een injectie vermoord. Klaus, een oudere broer van Dietrich, werd in de nacht van 22 op 23 april in Berlijn geëxecuteerd (op 2 mei capituleerde Berlijn). Over het verzetswerk van Klaus is onlangs een lijvige biografie verschenen. Hij is de vergeten Bonhoeffer.
Het gezin Bonhoeffer heeft een zware tol moeten betalen: een zoon sneuvelde in de Eerste Wereldoorlog en twee zoons en twee schoonzoons werden geëxecuteerd in de Tweede Wereldoorlog.
De auteur is emeritus predikant in de Protestantse Kerk in Nederland.