Kerk & religieSynode VGKN

Voortgezette gereformeerden gaan „intensief gesprek” voeren met NGK, ook over „knelpunten”

Gezamenlijk aansluiting zoeken bij één kerkverband is voor de voortgezette Gereformeerde Kerken in Nederland (VGKN) nog een stap te ver. Wel gaan ze het „intensieve gesprek” aan met de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK).

5 April 2025 17:18Leestijd 5 minuten
Drs. Albert Groothedde (r.) sprak zaterdag in het Friese Boornbergum op de synode van de voortgezette Gereformeerde Kerken in Nederland over Israël. beeld Piebe Bakker
Drs. Albert Groothedde (r.) sprak zaterdag in het Friese Boornbergum op de synode van de voortgezette Gereformeerde Kerken in Nederland over Israël. beeld Piebe Bakker

Dat besloot de synode van de VGKN zaterdag op haar vergadering in het Friese Boornbergum, waar het onderwerp ”oecumene” aan de orde kwam. De VGKN ontstonden in 2004 uit gereformeerde kerken die geen deel wilden uitmaken van de Protestantse Kerk in Nederland (PKN). Het kerkverband telt nu nog vijf gemeenten, allemaal in Friesland of Drenthe.

Ds. D.W.L. Krol bezocht zaterdag namens de Nederlandse Gereformeerde Kerken de synode van de voortgezette Gereformeerde Kerken in Nederland. beeld Piebe Bakker  

Op de synode zou zaterdag een afgevaardigde van zowel de Christelijke Gereformeerde Kerken (CGK) als van de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK) spreken, maar de CGK hadden zich afgemeld. „Ze hebben onze voorbede gevraagd vanwege de diepe crisis in dat kerkverband”, zei preses ds. K.J. Bijleveld.

Namens de NGK voerde ds. D.W.L. Krol, lid van de commissie contact en eenheid, het woord. Hij zei dat de kerk niet ontkomt aan de invloed van de tijd. „Ook in de Kerk merk je hoe tegenstellingen worden uitvergroot.” De predikant wees op wat Paulus in Filippenzen 4:4 zegt over vriendelijkheid, die te maken heeft met „billijkheid, redelijkheid, met de bereidheid om naar elkaar te luisteren, elkaar te begrijpen, met elkaar verder te komen”.

Zorgen delen

Ds. Krol zei dat de NGK het contact met de VGKN graag willen intensiveren, „omdat de tijd het vraagt dat we luisteren naar elkaar, omzien naar elkaar, meeleven met elkaar, onze zorgen delen met elkaar”. De NGK steken de hand uit naar de VGKN, „want ons hart gaat naar u uit”. Over de recente besluiten van de NGK over „homo’s en lesbiennes in de kerk” zei hij: „Laat deze besluiten ons alstublieft niet uit elkaar drijven.”

„Laat de besluiten van de NGK over homo’s en lesbiennes in de kerk ons alstublieft niet uit elkaar drijven”

Ds. D.W.L. Krol, predikant NGK

Ds. Bijleveld zei in een reactie „heel erg blij te zijn” met de uitgestoken hand van de NGK. Hij stelde voor dat de synode een intentieverklaring zou uitspreken om „in intensief overleg met onze eigen kerken” te kijken of eenwording met de NGK „de weg zou moeten zijn die de Heere ons wijst”.

Dat voorstel leverde uiteenlopende reacties op. Ouderling A.J. Bos (Frieschepalen) zei dat zijn gemeente een goede samenwerking heeft met de plaatselijke Ngk en een proces doormaakt dat ertoe zou kunnen leiden „dat we opgaan in de NGK”. Ouderling J. Craanen uit Assen zei daarentegen dat zijn gemeente hoopt per 1 januari gezamenlijke diensten te gaan beleggen met de plaatselijke cgk, waarbij beide kerken afwisselend de „leiding” hebben.

Scriba dr. A. van Harten-Tip memoreerde dat de VGKN in het verleden afzonderlijke gesprekken voerden met de toenmalige Nederlands Gereformeerde Kerken en de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt, maar dat deze na de coronacrisis niet meer zijn voortgezet. Ze stelde voor nu het contact met de fusiekerk NGK aan te gaan en dan ook „in alle vriendelijkheid de diepte in te gaan. Dat hebben we in het verleden minder gedaan. Laten we ook broederlijk en zusterlijk het gesprek aangaan over knelpunten.”

Ds. Bijleveld vond het voorstel van dr. Van Harten „prima”, maar miste daarin „het verlangen en de intentie om naar iets toe te werken”. Uiteindelijk stemde de synode met het voorstel van de scriba in, waarbij alleen een afgevaardigde uit Boelenslaan opmerkte dat dit voor zijn gemeente „een heel lastig punt” is. Overigens gaf dr. Van Harten aan hetzelfde gesprek als met de NGK ook met de CGK te willen voeren, „zo gauw dat weer mogelijk is”.

Kerk en Israël

Drs.  Albert Groothedde. beeld Pieke Bakker

Bij het agendapunt ”Kerk en Israël” voerde gastspreker drs. Albert Groothedde het woord. Hij werkte tot 2023 voor het Centrum voor Israëlstudies (CIS), waarin onder meer de VGKN participeren, in Jeruzalem en is theologisch medewerker van Stichting Steun Messiasbelijdende Joden. Hij zei dat de huidige situatie in het Midden-Oosten de kerken voor „fundamentele vragen” plaatst.

Groothedde ziet „theologische verlegenheid” bij predikanten als het om Israël gaat. „We hebben als kerken verzuimd om Israël in onze theologie zó te verwerken dat we ermee uit de voeten kunnen, ook in de weerbarstige werkelijkheid van alledag.” Er gaat, zo zei hij, veel op de schop „als we Israël herintegreren in onze theologie”.

„Wie mag er wonen op dat stukje grond langs de Middellandse Zee?” vroeg Groothedde. Hij wees er allereerst op dat God de Eigenaar ervan is. „Uit de Bijbel wordt onmiskenbaar duidelijk dat God wil dat Zijn eigen volk, het Joodse volk, in het Beloofde Land woont.” Ook wees hij erop dat de God van Israël „een groot hart heeft voor vreemdelingen, voor niet-Joden”.

In onze tijd voldoet de verhouding tussen Joden en vreemdelingen, de Palestijnen, niet aan „Gods ideaal. Veel Joden denken ten onrechte dat zij de eigenaar zijn van het Beloofde Land en maken Palestijnen daarom het leven zuur”, zei Groothedde. „Veel Palestijnen daarentegen misgunnen het Joodse volk het Beloofde Land en keren zich daarmee tegen de Eigenaar van het Beloofde Land.”

Er zouden, zei Groothedde, „veel dingen in Israël ten positieve veranderen als zowel Jood als Palestijn zou luisteren naar de wil van God, de Schepper van hemel en aarde en ook de Eigenaar van het Beloofde Land”.

Groothedde noemde theologische bezinning op alles wat met Israël te maken heeft „uiterst zinvol”. „Het gaat onze theologische verlegenheid te lijf en verschaft mogelijkheden om ook in deze moeilijke tijden als kerken getuigend te blijven spreken uit liefde voor de God van Israël, Die in Jezus Christus ook de God wil zijn van niet-Joden.”

Na de lezing van Groothedde vroeg preses ds. Bijleveld aan ds. Krol naar de Israëlvisie van de NGK. Ds. Krol reageerde dat hij op dit punt uit „een zwijgzame traditie” komt. „Ik denk dat het tijd wordt dat we ons gaan bezinnen op dit onderwerp. Er ligt nog huiswerk voor ons.”

RD.nl in uw mailbox?

Ontvang onze wekelijkse nieuwsbrief om op de hoogte te blijven.

Hebt u een taalfout gezien? Mail naar redactie@rd.nl

Home

Krant

Media

Puzzels

Meer