Innovation for Healthcongres in De Doelen trekt aanstormend talent
Een kunstmatige klep voor in de bloedvaten moet het risico op complicaties door nierdialyse verminderen. De start-up XS Innovations sleepte er donderdag een prijs mee in de wacht, tijdens het Innovation for Healthcongres in Rotterdam.

In de centrale hal van congrescentrum De Doelen wemelt het van de mensen. Zo’n 700 wetenschappers, investeerders en beleidsmakers binnen de gezondheidssector ontmoeten elkaar hier. Het doel van de jaarlijkse bijeenkomst is om kennis uit te wisselen en contacten te leggen.
In de Van Cappelen Zaal op de begane grond krijgen negen ondernemers een paar minuten de tijd om hun innovatie toe te lichten. Woensdag was er al een voorronde met 28 start-ups, waaruit de jury dit negental heeft geselecteerd.
Een van de genomineerden, die eind van de middag als winnaar uit de bus zal komen, is Toon Stilma van XS Innovations. Het bedrijf werkt aan een implanteerbare klep voor mensen die nierdialyse nodig hebben. Wereldwijd zijn dat er 2,5 miljoen. De klep wordt tussen een ader en een slagader geplaatst en kan van buitenaf met een magneet worden bediend. Op het moment dat dialyse nodig is, gaat de klep open; de rest van de tijd zit hij dicht.
Gebruik van de klep moet voorkomen dat aders beschadigd raken en complicaties ontstaan door een continu hoge bloedstroom. In juli gaat Stilma de klep uitproberen bij schapen; vanaf augustus volgend jaar hoopt hij deze bij mensen te testen.
Baarmoederhalskanker
Een andere genomineerde is Marco de Boer van Predica Diagnostics uit Nijmegen. Hij begint zijn pitch heel persoonlijk. „Mijn zus overleed vijf jaar geleden aan uitgezaaide baarmoederhalskanker.” Op een scherm laat hij een foto van de vrouw op een racefiets zien. „Deze foto is van tien jaar geleden. Toen deed ze mee aan de Alpe d’HuZes.” Doel van dit evenement is om geld op te halen voor onderzoek naar kanker.
Volgens De Boer moet er meer worden gedaan aan de preventie van baarmoederhalskanker. Weliswaar kunnen vrouwen meedoen aan bevolkingsonderzoek, maar deze test leidt vaak tot loos alarm. Predica Diagnostics heeft daarom een methode ontwikkeld die volgens de directeur veel betrouwbaarder is. De test meet niet alleen de aanwezigheid van het kankerverwekkende HPV-virus, maar ook de activiteit van bepaalde kankergenen.
Een derde kandidaat is Perjan Pleunis van LivingMed Biotech. Het Belgische bedrijf ontwikkelde een vaccin tegen het vogelgriepvirus. Het middel kan via water of voedsel aan pluimvee worden toegediend. Het bestaat uit genetisch gemodificeerde darmbacteriën, die antigenen (oppervlakte-eiwitten) van het vogelgriepvirus produceren en vogels zo immuun maken voor het virus.
Kinderen
In de Schadee Zaal op de derde verdieping presenteren jonge wetenschappers hun onderzoek. Ook zij kunnen een prijs winnen. Marlinde Schoonbeek, onderzoeker bij het Prinses Máxima Centrum in Utrecht, is de gelukkige, zo zal later deze dag blijken. Zij ontwikkelde een methode die helpt voorspellen hoe goed medicijnen aanslaan bij tumoren in kinderen.
De methode werkt als volgt: tumorcellen worden uit de patiënt gehaald, een week lang in een muis gekweekt en vervolgens in het lab blootgesteld aan een medicijn. Na drie dagen wordt gekeken in hoeverre de kankercellen nog in leven zijn. Het Prinses Máxima Centrum past de procedure nu al toe, ook al staat die nog niet in de officiële richtlijnen.
Groot voordeel van de methode is de snelheid waarmee de werking van medicijnen bij kankerpatiënten kan worden getest. Met zogeheten organoïden, een soort miniorgaantjes, duurt dat algauw acht maanden. „Wij kunnen het met veertien dagen”, zegt Schoonbeek enthousiast. Zij ziet vooral toepassingen bij zeldzame kankers.
In de Van Beuningen Zaal, eveneens op de derde verdieping, vertellen vijf experts van onderzoeksinstituut TNO over producten waar zij zich mee bezighouden. Dr. Willem van den Brink vertelt over de voordelen van draagbare medische apparaten. Met zo’n ”wearable” kunnen artsen een patiënt namelijk langere tijd volgen, wat meer informatie oplevert dan een korte meting in het ziekenhuis.
Een bekende toepassing is continue glucosemonitoring bij patiënten met diabetes type 1. Volgens Van den Brink blijkt uit onderzoek dat dit leidt tot een lagere HbA1c. HbA1c is een waarde die het gemiddelde glucosegehalte in de voorafgaande twee tot drie maanden weerspiegelt. Een lagere waarde betekent dat patiënten hun bloedsuikerwaardes goed onder controle hebben.
3D-printer
TNO-onderzoeker dr. Jayeeta Sengupta vertelt over het 3D-printen van medicijnen. Ze steekt van wal met een concrete casus. Jakob, een klein jochie, lijdt aan een hartritmestoornis en heeft daarom driemaal daags 19 milligram flecaïnide nodig. De gangbare pillen bevatten echter 60 milligram werkzame stof per stuk. Verpleegkundigen lossen dat nu op door te proberen een pil in drie gelijke stukjes te breken, maar handiger is volgens Sengupta om hiervoor een 3D-printer in te zetten.
De printer kan volgens de TNO-onderzoeker tabletten van 3 millimeter doorsnede maken, met minder dan 2 procent variatie in gewicht. Ook kunnen de tabletten in allerlei vormen, kleuren en smaken worden vervaardigd. Het concept is onlangs bij het Erasmus MC gedemonstreerd. In juni moeten de eerste patiënten 3D-geprinte medicijnen krijgen. De enige belemmering is de regelgeving. Het Europees Geneesmiddelenbureau moet namelijk nog groen licht geven voordat het op de markt komt.
Vuur
Verspreid door het congrescentrum staan zo’n vijftig stands, waar bedrijven en organisaties hun werk presenteren. Onder meer de bekende Amerikaanse farmaceut Johnson & Johnson is van de partij.
Een wat vreemde eend in de bijt is een stand met informatie over een systeem dat onder hoge druk watermist produceert om zo de brandveiligheid te verbeteren. Dit apparaat, de zogeheten Q-Fog, is bedoeld voor in woonruimtes van minder mobiele mensen die meer risico lopen op een brand, bijvoorbeeld omdat ze roken. „Het houdt de ruimte waar een brand is een kwartier veilig”, legt verkoper Mark Nater uit. „Intussen belt het apparaat naar het nummer van de buren of een hulp op afstand.”
In Nederland staan inmiddels 300 van deze systemen. Tot nu toe zijn ze hier 35 keer afgegaan, vertelt dealer Mark Nater. In Scandinavië, waar het apparaat is ontwikkeld, is het systeem al 300 keer geactiveerd. Daarbij kwam één persoon om het leven, niet door vuur of rook maar door een hartstilstand.
Vooral verpleeghuizen en woonzorgcentra hebben interesse in het product, zegt Nater. Een belangrijk voordeel van het systeem is volgens hem dat ’s nachts maar één bedrijfshulpverlener in een tehuis aanwezig hoeft te zijn in plaats van twee of drie.