OpinieCommentaar
Seksuele vorming moet vooral thuis gebeuren
Relationele vorming is hard nodig in een maatschappij waarin seksualiteit alomtegenwoordig is. Die taak mag echter niet aan school worden overgelaten.
Hoofdredactie

Relationele vorming is hard nodig in een maatschappij waarin seksualiteit alomtegenwoordig is. Die taak mag echter niet aan school worden overgelaten.
Home
Krant
Media
Puzzels
Meer
Seksualiteit, relaties en weerbaarheid: het zijn drie belangrijke thema’s die jaarlijks terugkomen tijdens de Week van de Lentekriebels. Deze week vindt de twintigste editie plaats van de projectweek over relaties en seksualiteit, georganiseerd door landelijk expertisecentrum Rutgers. Scholen mogen zelf weten of ze meedoen, en zo ja, op welke manier ze in de klas invulling geven aan het thema.
De afgelopen jaren zorgde de projectweek voor de nodige reuring. Onder meer ouders maakten zich zorgen over wat er nu precies in de klas besproken werd. Dat zij graag willen weten wat er rond dit thema op school gebeurt, is volkomen begrijpelijk en ook hun goed recht. Juist seksuele en relationele vorming raakt immers aan de waarden en levensovertuiging van ouders. Het is bepaald niet om het even hoe zo’n thema in de klas behandeld wordt.
Dat relationele vorming nodig is, staat buiten kijf. Leerlingen groeien op in een maatschappij waarin seks alomtegenwoordig is. Via films, door sociale media en in de keet komen kinderen en jongeren in aanrakingen met allerlei opvattingen over relaties en seksualiteit. Dat vraagt om een gezond tegenwicht.
Scholen zijn sinds 2012 verplicht aandacht te besteden aan relationele en seksuele vorming. Binnen de wettelijke kaders is er ruimte dat te doen vanuit de eigen levensbeschouwing. Dat laatste is van groot belang. Seksuele vorming moet immers niet gevoed worden vanuit maatschappelijke opvattingen over gender en diversiteit of vanuit de gedachte dat seksualiteit goed is als het maar goed voelt. Bijbelse principes wijzen richting en geven grenzen aan. Kernbegrippen daarin zijn liefde, trouw en verantwoordelijkheid. Dat zijn andere en diepere aspecten dan de zaken die onder meer Rutgers als uitgangspunt neemt: respect voor diversiteit, leren aangeven van grenzen en het bevorderen van een positief lichaams- en zelfbeeld.
Tegelijkertijd: zeggen hoe het niet moet, is relatief eenvoudig. In praktijk brengen hoe het wel kan, levert een meer duurzaam resultaat op. Het is een belangrijke en verantwoordelijke taak voor leerkrachten en docenten hun leerlingen op dit punt de weg te wijzen.
Rutgers stelt vast dat het onverstandig is seksuele voorlichting uitsluitend aan ouders over te laten, aangezien de praktijk laat zien dat dit vaak niet, onvoldoende of te laat gebeurt. Dat is kwalijk. Juist binnen de bedding van het gezin –waar als het goed is veiligheid heerst om over dit onderwerp in gesprek te gaan– kan immers een positief, Bijbels geluid worden afgegeven over seksualiteit als gave van God. Dat is een taak die ouders serieus zouden moeten nemen. Relationele vorming is immers te belangrijk om over te laten aan de invloed van media en maatschappij – en te essentieel om thuis onbesproken te laten.