Gunstige boodschap CPB: begrotingstekort valt plots 10 miljard lager uit
Nadat wekenlang begrotingsproblemen zich opstapelden en wensenlijstjes groeiden, heeft het Centraal Planbureau onverwacht goed nieuws voor premier Schoof. Het begrotingstekort valt structureel tot meer dan 10 miljard euro lager uit dan eerder gedacht.

Ramingen zijn ramingen. Die uitdrukking speelt nadrukkelijk op na de jongste publicatie van het Centraal Planbureau (CPB). De rekenmeesters hadden woensdag een gunstige boodschap voor de regering. Maar let op, waarschuwde CPB-directeur Pieter Hasekamp, bij de presentatie van de cijfers. Het Nederlandse plaatje kan er zomaar heel anders uitzien.
Daarmee doelde Hasekamp op het handelsbeleid van de Amerikaanse president Trump. Als dat escaleert, kan het de wereldeconomie „hard raken”. Bijvoorbeeld als er paniek uitbreekt op de financiële markten. In de ramingen gaat het planbureau daar niet van uit. Het rapport was echter nog geen halve dag oud, of Trump dreigde de Europese Unie met nieuwe importheffingen. De Amerikaanse president zei woensdagavond dat er invoerheffingen gaan gelden van 25 procent op Europese auto’s en veel andere producten.
De eerder aangekondigde Amerikaanse importheffing op staal en aluminium zal voor Nederland slechts „beperkt” gevolgen hebben. De Nederlandse export van ijzer en staal naar de Verenigde Staten is gering, gelet op de totale omvang van de economie. In de eerste drie kwartalen van 2024 ging het om 700 miljoen euro, blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
Voorjaarsnota
Ondanks alle onzekerheid is de jongste CPB-raming van groot belang bij het opstellen van de begroting. Het kabinet neemt medio april een besluit over een reeks begrotingsproblemen. De uitkomst daarvan wordt verwerkt in de voorjaarsnota.
Een alternatief voor de btw op boeken, cultuur, kranten en sport is een van de kwesties die op tafel ligt. Een tweede: wat te doen met de tijdelijke fiscale tegenvaller van 2,5 miljard euro in box 3? Het verder opplussen van de Defensiebegroting is eveneens een duur vraagstuk. Zo zijn er meer dossiers.
Tegen deze achtergrond ziet het kabinet het geraamde begrotingstekort ineens stukken lager uitvallen dan eerder gedacht. Het gaat om grote bedragen: variërend van 7,8 tot meer dan 10 miljard euro. En dat niet eenmalig, nee, jaar in, jaar uit valt het begrotingssaldo positiever uit.
Dat heeft verschillende oorzaken. Het planbureau hield er al rekening mee dat de overheid een deel van de geraamde budgetten op de begroting niet uitgegeven krijgt, onder meer vanwege de krappe arbeidsmarkt. Daar is het CPB nog pessimistischer over geworden, naar aanleiding van de jaarcijfers van 2024. Verder speelt wellicht mee dat de economie dit jaar iets harder groeit dan op Prinsjesdag gedacht (plus 1,9 procent in plaats van plus 1,5 procent).
Uiteindelijk is het een politieke afweging
Belangrijker nog is dat de rekenmeesters van het kabinet woensdag een nieuw, meerjarig doorkijkje presenteerden. Vanwege de vergrijzing loopt het arbeidsaanbod op termijn terug, met alle consequenties van dien. Daarover is het CPB nu optimistischer geworden. Het planbureau verwacht dat zowel meer jongeren (15 tot 24 jaar) als ouderen rond de pensioenleeftijd meer zullen gaan werken. Met als gevolg dat de economische groei en het begrotingstekort positiever uitvallen.
Tien miljard
Betekent dit dat het kabinet dit voorjaar een budget van structureel 10 miljard euro te verdelen heeft? Dat is uiteindelijk een politieke afweging.
Daarbij moet wel gezegd: de begroting stond er op de middellange termijn (2029 t/m 2038) niet al te florissant bij. Het CPB raamde het begrotingstekort voor 2029 deze zomer op min 3,3 procent, oplopend tot min 4,2 procent in 2038. Dat is ver boven de Europese norm.
Na de raming van woensdag ligt het begrotingstekort in latere jaren weer geheel onder de Europese norm: min 2,2 procent in 2029, oplopend tot min 2,9 procent in 2033. Met andere woorden: als het kabinet structureel miljarden euro’s extra wil gaan uitgeven, heeft dat als gevolg dat het begrotingstekort op termijn alsnog boven de maximumgrens uitkomt.
Het koopkrachtcijfer voor volgend jaar blijkt, tot slot, eveneens goed nieuws: een doorsnee huishouden gaat er 1,1 procent op vooruit. Dat komt hoofdzakelijk doordat het maandsalaris meer omhoog gaat dan een doorsnee boodschappenmandje duurder wordt. Dat blijft de komende jaren zo.