Schermtijd jonge kinderen neemt af, maar is nog altijd te veel
Kinderen van nul tot en met zes jaar besteden gemiddeld minder tijd aan digitale media dan vorig jaar. Toch kijken zij nog steeds te vaak naar een scherm.

Dat blijkt uit het Iene Miene Media-onderzoek, dat Netwerk Mediawijsheid jaarlijks publiceert. In februari dit jaar werden ruim duizend ouders bevraagd over het mediagebruik van hun kroost. De kleintjes besteden gemiddeld 86 minuten per dag aan digitale media. Dat is een daling van gemiddeld 25 minuten per dag ten opzichte van vorig jaar.

Goed nieuws? Ja, zegt Anouk Tuijnman, die meewerkte aan het onderzoek. „Al jaren verspreiden we de boodschap dat jonge kinderen boven de richtlijnen zitten met hun mediagebruik. Nu zien we voor het eerst een daling. Ouders lijken bewust met mediaopvoeding bezig te zijn.”
De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) adviseert om kinderen onder de twee jaar helemaal geen schermtijd te geven, en kinderen vanaf twee jaar maximaal een uur per dag. Te veel schermtijd kan onder meer leiden tot slaapproblemen, taalachterstanden en lichamelijke klachten zoals bijziendheid.
Er is dan ook nog veel winst te behalen volgens Tuijnman, onderzoeker bij het Trimbos-instituut. „De mediatijd van jonge kinderen ligt nog steeds te hoog. En er zijn ook ouders die weinig tot niets aan mediaopvoeding doen. We zijn er dus nog niet, maar het is fijn om de boodschap te kunnen geven dat we in de goede richting gaan.”
Filmpjes
Wat doen die ukkies eigenlijk allemaal online? Van de tijd die jonge kinderen aan digitale media besteden, gaat het grootste deel –ruim een uur per dag– op aan het kijken van filmpjes op televisie of een mobiel apparaat. Een veel kleiner deel, gemiddeld tien minuten per dag, besteden de kleintjes aan gamen. In de enkele minuten die overblijven, beluisteren ze verhalen of ondernemen ze andere digitale activiteiten zoals beeldbellen.
Een op de drie jonge kinderen bezit al een eigen digitaal apparaat
De verschillen tussen gezinnen zijn groot, laat het onderzoek zien. Bijna de helft van de jonge kinderen kijkt niet dagelijks televisie. Een nog groter deel (62 procent) kijkt geen filmpjes op een smartphone of tablet.
Tegelijkertijd kijkt een op de zes kleintjes meer dan twee uur per dag naar filmpjes. Ook heeft een op de drie jonge kinderen al een eigen digitaal apparaat, zoals een tablet of gameconsole. Dat is op deze leeftijd allesbehalve wenselijk, vindt Tuijnman. „Voor zulke jonge kinderen raden we het zelfstandig gebruiken van media niet aan. Waar hebben ze een eigen apparaat voor nodig?”
Mediagebruik hoeft niet alleen maar slecht te zijn, weet Tuijnman. „Maar de voordelen, bijvoorbeeld voor de taalontwikkeling, zijn er vooral bij samen gebruiken. Dan kun je praten over wat je ziet en wat dat met je doet.”
De voordelen van voorlezen zijn nog veel groter, benadrukt ze. Maar af en toe met je vierjarige op de bank kruipen voor een filmpje is niet verkeerd. „Digitale media gaan ons leven niet meer uit. Als kleuters in beperkte mate samen met hun ouders digitale media gebruiken, leren ze al op jonge leeftijd hoe je dat op een gezonde manier doet.”
Voorbeeld
Voor jonge kinderen hebben ouders een belangrijke voorbeeldfunctie, ook als het gaat om mediagebruik. Uit het onderzoek blijkt dat veel ouders daarmee worstelen. Tuijnman: „Als jij de hele tijd op je telefoon kijkt, ook al is dat voor je werk of met een andere goede reden, dan willen je kinderen dat ook.”
Praktische afspraken kunnen helpen. „Leg je telefoon ver weg zodat je hem niet meteen grijpt als je je verveelt en zet je notificaties uit. Appjes van vrienden kun je ook beantwoorden als de kinderen naar bed zijn.”