Nieuwe Turkse oppositieleider Özgür Özel wijkt niet voor president Erdogan
Sinds de Turkse oppositieleider Ekrem Imamoglu ruim twee weken geleden is opgepakt zijn de ogen op Özgür Özel gericht. Als voorzitter van de grootste oppositiepartij moet hij de protesten leiden en president Recep Tayyip Erdogan het hoofd bieden.

Krijgt Özel de Turkse president zover dat hij Imamoglu vrijlaat? Dat is de immense, zo niet onmogelijke taak waar de voorzitter van de kemalistische Republikeinse Volkspartij (CHP) voor staat. Op de dag dat Imamoglu in de gevangenis belandde, bezette Özel met zijn aanhang het stadhuis van Istanbul. Hij wilde zo voorkomen dat Erdogans AK-partij het bestuur over de stad overnam. Vanaf het balkon riep hij de bevolking op de straat op te gaan.
Özel moet de publieke verontwaardiging over Erdogans handelwijze levend houden. Tegelijk moet hij met straatprotesten de druk op de president opvoeren. De grote demonstratie in Istanbul van afgelopen zaterdag was wat Özel betreft nog maar het begin. Iedere week organiseert hij in een andere stad een protestbijeenkomst.
Özel lijkt geen angst te kennen. De 50-jarige partijvoorzitter –van origine apotheker– kijkt vriendelijk de wereld in, maar schuwt de strijd met Erdogan niet. „Op het internaat dat ik bezocht, werd ik veel geslagen”, vertelde Özel tegen een Turkse journaliste. Die klappen hebben hem geleerd voor niemand uit de weg te gaan.
Machtsconsolidatie
Maar krijgt de sympathieke leider van de CHP Erdogan op de knieën? De president heeft in de afgelopen twee decennia –eerst als premier en vervolgens als president– de defecte democratie van Turkije veranderd in een autocratie. In 2013 sloeg Erdogan met geweld de burgerprotesten neer. De mislukte staatsgreep van 2016 gebruikte hij om politieke zuiveringen door te voeren.
De opkomst van leiders als Imamoglu laat zien dat de politiek van Turkije dynamisch en onvoorspelbaar blijft
Alles was en is gericht op de machtsconsolidatie van Erdogan en zijn AKP. De rechterlijke macht is niet meer onafhankelijk, maar is verworden tot een instrument in handen van de president om de bevolking te onderdrukken. Er is geen rechter te vinden die de moed heeft Imamoglu vrij te laten en tegen de officier van justitie te zeggen: „Nee, ik speel jullie spel niet mee. Deze man is onschuldig. Ik laat hem vrij.”
Erdogan lijkt stevig in het zadel te zitten. Iedereen is ervan overtuigd dat hij de macht niet zomaar zal afstaan. Hij weet zich bovendien gesteund door een belangrijk deel van de bevolking. Naar schatting 35 procent van de Turken staat nog altijd achter hem.
Slachtoffer
Tegelijkertijd laat de opkomst van leiders als Imamoglu en de roep van het volk om democratische veranderingen zien dat het politieke landschap in Turkije dynamisch en onvoorspelbaar blijft. Erdogan kreeg de geuzennaam ”slachtoffer” toen hij in 1999 vier maanden in de gevangenis had gezeten. Dit kan Imamoglu ook overkomen.
Een Turkse president –welke is niet bekend– zou eens gezegd hebben dat het Turkse volk moeilijk op de been is te krijgen, maar als de mensen eenmaal staan is het nog moeilijker ze weer te laten zitten.
Afgelopen week presenteerde Erdogan zich in Istanbul voor duizenden moskeebezoekers als hun sterke leider. „Moge Allah het zionistische Israël verwoesten”, riep hij luidkeels.
Wil Erdogan alleen maar de aandacht van de protesten afleiden of is het hem ernst en heeft hij het gemunt op Israël? Ook in Jeruzalem kent men het spreekwoord dat een kat in het nauw rare sprongen maakt. „Erdogan is een gevaar voor de regio en voor zijn eigen volk”, zei de Israëlische minister van Buitenlandse Zaken Gideon Sa’ar.