BinnenlandInzameling blikjes

Statiegeld op blikjes groot succes

Het statiegeld op blikjes blijkt twee jaar na de invoering een enorm succes. Mensen gooien ze nauwelijks meer weg.

Martijn Roessingh, Trouw
2 April 2025 21:02Leestijd 4 minuten
Zakken vol met ingeleverde statiegeld flessen en blikjes worden verwerkt. beeld ANP, Ramon van Flymen
Zakken vol met ingeleverde statiegeld flessen en blikjes worden verwerkt. beeld ANP, Ramon van Flymen

De cijfers van de afvalrapers zijn glashelder: lagen er in de periode 2017-2022 gemiddeld 23,5 blikjes per kilometer op straat, nu zijn dat er gemiddeld 4,8 per kilometer. Dat is een afname van 80 procent. Nu je sinds 1 april 2023 15 cent per blikje terugkrijgt, leveren mensen ze aanzienlijk vaker in bij supermarkten en andere inzamelpunten.

De cijfers komen van Dirk Groot, beter bekend als de Zwerfinator. Hij registreert sinds 2016 de data over het zwerfafval dat hij op straat tegenkomt, van drankverpakkingen tot snoeppapiertjes. Zijn cijfers waren een belangrijke aanjager voor de introductie van het statiegeld en voor andere maatregelen die bedrijven moeten nemen om te voorkomen dat klanten verpakkingen van hun producten op straat gooien.

Jarenlang nam het aantal gevonden blikjes langzaam toe, tot de invoering van het statiegeld zorgde voor een trendbreuk. In september meldde staatssecretaris Chris Jansen (Infrastructuur en Waterstaat) al aan de Tweede Kamer dat er bijna twee derde minder blikjes waren aangetroffen; sindsdien is dat aantal dus verder gedaald. De komende weken komt de regering met een evaluatie van het statiegeldsysteem.

Opengebroken vuilnisbakken

Niet dat er geen problemen zijn. Vooral in de grote steden breken ”blikjesjagers” geregeld vuilnisbakken open om blikjes en plastic flesjes (ook 15 cent) eruit te halen en zo wat geld te verdienen. Dat zorgt voor extra zwerfafval en bezorgt schoonmakers hoofdbrekens. Maar in de meeste plaatsen speelt dat niet, ziet Groot. Daar zijn de prullenbakken juist leger nu blikjes en flesjes er niet meer in belanden.

Groot stelt ook dat het probleem wordt overdreven. Begin november organiseerde hij een Nationale Prullenbakteldag, waarbij mensen zo veel mogelijk foto’s moesten insturen van prullenbakken in hun omgeving. Hij berekende dat buiten de grote steden slechts 1 procent van de bakken kapot was of was opengetrokken. In de tien grootste steden was dit 12 procent, minder dan soms lijkt in de berichtgeving, en het was vooral geconcentreerd in drukke gebieden waar mensen veel op straat consumeren.

Het is op te lossen, denkt Groot, door prullenbakken makkelijker open en dicht te kunnen maken, waardoor blikjesjagers ze niet meer hoeven forceren. Amsterdam gaat daar nu mee experimenteren.

Een hardnekkig probleem is er wel: ingedeukte of helemaal platgetrapte blikjes kunnen mensen niet inleveren. De machines kunnen die niet aan. Van de blikjes die Groot nu nog vindt op straat is het overgrote deel beschadigd, waardoor ook de blikjesjagers ze niet oprapen.

Een oplossing daarvoor is er ook, denkt Groot: zorg dat beschadigde blikjes (of beschadigde plastic flesjes) gewoon door een mens worden ingenomen, bijvoorbeeld door in iedere gemeente een inzamelpunt daarvoor in te richten. Voor recycling maakt het niks uit; ook veel machines die de blikjes innemen drukken ze plat zodat ze bij het afvoeren minder ruimte innemen. Groot constateert: er staat nergens in de wet dat de inname machinaal moet gebeuren; het kan ook handmatig worden gedaan.

„Beschadigde en ingedeukte blikjes blijven een probleem”

Dirk Groot, afvalinzamelaar

En, tekent hij aan, een hoger statiegeldtarief of meer innamepunten lost het probleem van ingedeukte blikjes niet op; het blijft onmogelijk om ze in te leveren. Al vindt hij dat er ook meer inzamelpunten moeten komen, onder meer op trein- en tankstations.

Importblik

Groot treft ook blikjes aan waar geen statiegeld op zit, soms omdat ze heel oud zijn, soms omdat ze uit landen komen waar statiegeld nog niet verplicht is en ze toch in Nederland worden verkocht. Die verkoop mag: niet de winkels zijn verantwoordelijk voor het statiegeld, maar de producenten en importeurs. Bij dit soort blikjes kost het veel tijd om te achterhalen welke importeur verantwoordelijk is, en dat maakt het moeilijker voor de Inspectie Leefomgeving en Transport om te handhaven. Volgens Groot zou een verkoopverbod beter werken, maar of dat er snel komt, is nog onduidelijk.

RD.nl in uw mailbox?

Ontvang onze wekelijkse nieuwsbrief om op de hoogte te blijven.

Hebt u een taalfout gezien? Mail naar redactie@rd.nl

Home

Krant

Media

Puzzels

Meer