Ploeteren met een kaasmes
Het is donker en koud op deze vroege vrijdagochtend in Zwolle. Marktkooplui begroeten elkaar. In een portiek wacht ik op de mensen van Nijka Kaas uit Rijssen. Voor één dag pak ik m’n oude zaterdagbaan als kaasverkoper weer op. „Je bent slap geworden bij de krant.”
Handschoenen, een extra paar sokken en een muts moeten me beschermen tegen de kou. De temperatuur ligt rond kwart voor zeven nog onder het vriespunt. De wind zorgt ervoor dat het voor m’n gevoel nog kouder is. Waar ben ik aan begonnen? Voor hetzelfde geld had ik me nog lekker kunnen omdraaien, om pas over een halfuur naar het kantoor af te reizen.
De opdracht is: werk een dag mee in een beroep en laat de lezer over je schouder meekijken. Bij dezen dan.
Ronkend komt een witte bus de hoek om. Licht van straatlantaarns valt door het raam op de gezichten van mijn collega’s Jan-Peter en Herma Nijenhuis en Hugo Bosch. Achter het voertuig hangt een grote verkoopwagen. Als de combinatie op de hobbelige keien tot stilstand komt, zwaaien de portieren open. Jan-Peter lacht: „Dat is lang geleden dat ik je gezien heb. Hoe gaat het ermee?” Dezelfde begroeting krijg ik van de andere twee.
De drie zijn niet gekomen voor een gezellige babbel. In rap tempo installeren Hugo en Jan-Peter de verkoopwagen. Daarna is het tijd om de kazen die in de bus liggen op de toonbank te leggen. Het gewicht van de ronde en vierkante kazen varieert van 4 kilo -een klein kruidenkaasje- tot bakbeesten van ruim 15 kilo. Wanneer ik er twee tegelijk pak, krijg ik het gevoel dat m’n armen iets langer worden. Tanden op elkaar en doorgaan. Dit was toch leuk?
Eerste klant
Pas echt leuk wordt het wanneer de eerste klanten komen. Precies om acht minuten voor acht staat een dame aan de andere kant van de toonbank. De weegschaal staat aan, het wisselgeld zit in de kassa, het inpakpapier ligt goed en het mes glimt. „Een stukje belegen kaas”, is de eerste bestelling.
Mmm. Makkie. Even een hele kaas pakken, die eerst doormidden snijden, daarna een mooie punt afsnijden. Maar door de kou valt het snijden van de kaas vies tegen. Met één hand houd ik de kaas rechtop, met de andere sla ik het mes erin. Ik maak mezelf zo lang mogelijk, zodat ik met gestrekte armen, puur door mijn gewicht, het mes door de kaas kan duwen. De dame lacht: „Je hebt mooi de tijd. Het is nog rustig.” Dat klopt, maar niet lang meer.
Klant nummer twee bestelt een stuk magere kaas. Dat afsnijden is niet moeilijk. Binnen vijf minuten heb ik het gevoel dat ik nooit uit het vak ben weggeweest. Nummer drie vertrekt met bijna 2 kilo zuivel.
Al snel vormen zich vier rijen voor de verkoopwagen en zijn we op topsnelheid bezig klanten aan hun waren te helpen. Tussendoor komt een meisje koffie brengen. Even neem ik het bekertje tussen m’n handen. Heerlijk warm.
Koude koffie
De drukte is zo groot dat twee bekertjes koffie koud staan te worden. Oude, jonge, belegen, kruiden-, komijnen-, magere en gatenkaas beheersen m’n gedachten. „Een kilootje oud, meneer? Momentje.” Omdat de temperatuur nog steeds onder die van een koelkast ligt, moet ik de harde -meestal oudere- kazen met een draadje snijden.
Een lus van ijzerdraad met een handvat ligt bij de weegschaal. Met m’n mes maak ik een snee in de korst. Ik doe daar het draadje in en trek aan het handvat de draad door de kaas. Ho even, dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan. De klant houdt z’n adem in. Het zweet loopt van m’n voorhoofd af. M’n collega links lacht: „Je bent slap geworden bij de krant.” Grr. Dat laat ik niet op me zitten. Met één haal trek ik de draad door de kaas.
Het lijkt alsof iedereen vrolijk is. Klanten glimlachen en beginnen een babbeltje. Helaas kan ik daar op dit drukke moment niet op ingaan. De rijen zijn zeker acht man lang, doorwerken dus.
Langzaam wordt het licht. Ik neem een korte pauze om een zekere plaats te bezoeken. Wanneer ik na een paar minuten terugkom, gaat het verder. Kazen worden weggesneden. Klanten komen en gaan.
Opeens is de race omstreeks 13.00 uur voorbij, de rijen lossen op. Slechts enkele mensen komen langs. „Kan het nog?” wil een vrouw weten. „Zeker, zolang we kaas hebben”, is het antwoord.
De grappigste klant is de laatste. Een jongeman, Erik, klemt een mobieltje tegen z’n oor. „Wat moet ik bestellen, mam?” Hij richt zich tegen mij: „Een kilo belegen, alsjeblieft.” Tegen z’n moeder: „En verder?” Een hele rits bestellingen volgt. „M’n moeder heeft haar enkel verstuikt.” Met een zucht: „Dus ik doe boodschappen.” Een vriend kijkt lachend toe. Als alles compleet is, rekent Erik af. Z’n moeder luistert mee en stuurt hem naar een worstenkraam. „Ah, nee ma. Dat is toch niet nodig.” Tegen ons: „Een goed weekend nog.”
Tijd om op te ruimen.
Dit is een artikel van de bijlage School en Beroep die verschijnt bij het Reformatorisch Dagblad.
Welke opleiding kies jij? Bekijk hier het dossier School en Beroep.
Reacties (13)
goesenaar correspondent | donderdag 24 januari 2008 - 15:48 | ![]() |
aantal posts:246 | egt leuk!! ![]() |
hillegonda journalist | donderdag 24 januari 2008 - 16:46 | ![]() |
aantal posts:1565 | geinig | |
sgat ik hou van je voor altijd!!! |
santje correspondent | donderdag 24 januari 2008 - 18:40 | ![]() |
aantal posts:121 | grappig!!!! sannie
|
hvjOuuww verslaggever | donderdag 24 januari 2008 - 19:15 | ![]() |
aantal posts:1059 | grappig..!!! ![]() | |
....love.... |
degeheimekamer bezorger | donderdag 24 januari 2008 - 19:29 | ![]() |
aantal posts:35 | leuk hoor! |
autotje bezorger | donderdag 24 januari 2008 - 19:56 | ![]() |
aantal posts:12 | maf zeg!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!! |
kleijer stagiair | donderdag 24 januari 2008 - 21:04 | ![]() |
aantal posts:61 | egt lagge!
|
wikkelo bezorger | donderdag 24 januari 2008 - 21:05 | ![]() |
aantal posts:36 | jo grappig ![]() ![]() |
hoihoi journalist | donderdag 24 januari 2008 - 23:06 | ![]() |
aantal posts:2992 | leuk... |
Lisanne95 correspondent | vrijdag 25 januari 2008 - 07:02 | ![]() |
aantal posts:128 | nix voor my!i!i!![]() |