Voorpagina7 februari 2001

Barak kondigt vertrek uit Israëlische politiek aan

Sharon boekt grote
stembusoverwinning

Van onze buitenlandredactie
JERUZALEM/TEL AVIV – De leider van de rechtse Likud, Ariel Sharon, heeft gisteren in Israël de verkiezingen voor het premierschap overweldigend gewonnen. Na telling van bijna alle stemmen vanmorgen bleek de huidige oppositieleider 62,5 procent van het electoraat achter zich gekregen te hebben. De opkomst was met circa 62 procent van de stemgerechtigden de laagste ooit in Israël.

De demissionaire premier Ehud Barak van de Arbeiderspartij bleef steken op 37,4 van de stemmen. Hij erkende zijn nederlaag al snel en kondigde ook direct zijn vertrek uit de politiek aan. Barak legt het leiderschap van de Arbeiderspartij neer en verlaat ook de volksvertegenwoordiging.

De aanhangers van Barak waren in rouw gedompeld. „Het is een ramp voor de Israëlische democratie en het Israëlische volk omdat het iets wil wat Sharon absoluut niet kan bezorgen”, zei parlementslid Yael Dayan. Enkele jonge campagneactivisten zongen een regel uit het nationale volkslied: „Wij laten de hoop nog niet varen.”

Barak bleef lang hopen dat de kiezers op het laatste moment zouden beseffen dat zijn rivaal Sharon geen alternatief is. De 72-jarige Sharon is fel tegenstander van de akkoorden met de Palestijnen. Hij wil de Palestijnen hooguit autonomie geven in geïsoleerde enclaves. In de overwinningstoespraak gisteravond laat riep Sharon de Palestijnen wel op het geweld te staken en weer een dialoog aan te gaan over een „realistisch politiek akkoord.”

Eeuwige hoofdstad
„Mijn regering zal zich concentreren op de versterking van Jeruzalem, de eeuwige hoofdstad van Israël”, zei Sharon. Barak had de Palestijnen een staat aangeboden die het grootste deel van de Westoever en de Gazastrook omvatte, alsmede een deel van Jeruzalem.

Volgens Likud-parlementariër Meir Shetreet zal de soep echter niet zo heet gegeten worden als Sharon haar tot dusverre heeft opgediend. Shetreet zei dat het niet meer dan logisch is dat Sharon bereid zal blijken de Palestijnen uiteindelijk meer tegemoet te komen dan hij tot dusverre hardop heeft gezegd. „Iedereen weet dat we concessies moeten doen”, aldus Shetreet.

De Palestijnse leider Yasser Arafat „respecteert de keuze van de Israëliërs.” Hij zei gisteravond dat hij hoopt dat de vredesgesprekken doorgaan. Een voorman van Fatah, Marwan Bargouti, waarschuwde dat Sharon zal ontdekken dat hij geen toverstaf heeft om de Palestijnse opstand te onderdrukken. De Palestijnse minister van Informatie zei ronduit dat de verkiezing van Sharon de „belachelijkste gebeurtenis” uit de Israëlische geschiedenis is geweest.

Veel geweld
De verkiezingsdag ging gepaard met veel geweld. Er vielen tientallen Palestijnse gewonden. Het Israëlische leger had de Palestijnse enclaves weer afgegrendeld. Zo'n 15.000 agenten en soldaten zagen toe op een ordelijk verloop van de stembusgang.

Barak had zich als exclusieve kandidaat van de vrede gepresenteerd, maar onder zijn regering zijn de afgelopen vier maanden 400 doden en 13.000 gewonden gevallen, meest Palestijnen. Hij dacht nog hardop dat hij inliep op de grote voorsprong die Sharon volgens de peilingen had. Maar de relatief lage opkomst deed Baraks hoop de bodem inslaan.

Ook de Israëlische Arabieren, een bevolkingsgroep van een miljoen mensen en circa 13 procent van het electoraat, negeerden Baraks oproep op de valreep voor hem en dus de vrede te stemmen. Nauwelijks een op de tien Arabische Iraëli's bracht zijn stem uit.

Met Baraks vertrek is een regering van nationale eenheid weer een mogelijkheid. De partij van Sharon drong er gisteravond weer op aan en ook Sharon zelf repte in zijn overigens nogal matte overwinningstoespraak van een „zo breed mogelijk nationaal kabinet.”